"Het wordt nou weleens tijd dat het opgelost wordt hè. We wachten al zo lang", vertellen Nell en Jos Baelemans uit Breda vol emotie. Hun zoon is op 32-jarige leeftijd in 2002 doodgeschoten bij een tankstation op de Haagweg. In een uitzending van PowCrime vertelt de politie donderdag dat ze hopen op informatie. "We begrijpen dat het heel belangrijk is voor de ouders dat die antwoorden er komen."

Op donderdag 5 december 2002 reed Corné in zijn Renault Twingo naar het tankstation aan de Haagweg. Hij had een afspraak met een drugsdealer. Bij het tankstation parkeerde hij, vervolgens stapte hij in een andere auto bij een vrouw genaamd Diana. De twee wachtten op de dealer, maar die kwam niet. In plaats daarvan liep een man naar de auto die meerdere keren begon te schieten.

Corné werd een keer in zijn hoofd en twee keer in zijn borstkas geraakt. Hij overleed ter plekke op de bijrijdersstoel. De schutter sloeg op de vlucht richting de Verbeetenstraat. De vrouw die naast Corné zat, raakte niet gewond. 

De politie heeft destijds vijftien man op de zaak gezet, maar de dader is nooit gevonden. Tijdens het onderzoek zijn 34 unieke getuigen gehoord en in 2004 is een man aangehouden op verdenking van moord of doodslag, maar na drie dagen werd hij weer vrijgelaten. Daarna is er niemand meer aangehouden in deze zaak.

Nu, 24 jaar later, is er nog steeds geen antwoord op de vraag waarom Corné is doodgeschoten of wie het heeft gedaan. En er zijn nog meer vragen: "Het is onduidelijk met wie hij die nacht voor zijn dood was en waar hij is geweest. Daar hopen we echt meer informatie over te krijgen", zegt politiewoordvoerder Dik Advocaat tegen PowCrime. 

Ook geeft hij aan dat uit onderzoek is gebleken dat Corné meerdere conflicten had. "Dus die dader kunnen we in meerdere hoeken zoeken. Mochten er mensen zijn met informatie, deel dat dan met de politie want dat kan echt het verschil maken bij nabestaanden."

Eerder vertelden de ouders van Corné al dat 'het nog iedere dag door hun hoofd spookt' en dat ze willen dat iedereen die iets weet zich meldt bij de politie. Die oproep doen ze nu nog een keer: "Alstublieft, help ons nou een keer. Ze kunnen anoniem bellen, maar dat doen ze niet. Waarom niet? Het is een verschrikking."

Vader Jos vreest dat hij en Nell geen antwoorden gaan krijgen op al hun vragen. "Ik ben er bang voor, dat het niet opgelost wordt en dat ik het meeneem in mijn graf. Daar kun je toch niet mee leven, met zoiets?"

Ook voor Nell blijft het onverteerbaar. "Het is 24 jaar geleden, maar voor ons is het net alsof het gisteren gebeurd is. Iedere dag denk je eraan", vertelt ze emotioneel. Zij en Jos wonen nog steeds in de volksbuurt niet ver van de Haagweg vandaan. "Ik zwaai naar iedereen en ik roep naar iedereen en soms denk ik: ik zal toch niet naar de moordenaar zwaaien?"