Voorzichtig pakt Marieke Wiegel een eeuwenoude orgelpijp vast, zet hem aan haar mond en blaast. Een helder geluid klinkt door de Grote Kerk in Breda. Haar ogen glinsteren. Samen met CDA-fractievoorzitter Antje Beers strijdt ze voor de laatste drie ton die nodig is om het beroemde Hillenorgel te restaureren. Maar juist de gemeente Breda weigert mee te betalen. En dat kunnen de twee gepassioneerde vrouwen maar moeilijk verkroppen.

Negen verdiepingen hoog reikt de enorme steiger rond het orgel. Marieke Wiegel, directeur van de Grote Kerk, gaat enthousiast voorop. Tussen de duizenden orgelpijpen laat ze trots zien wat de restaurateurs al hebben opgeknapt. Sommige pijpen zijn bijna vijfhonderd jaar oud.

"Dit is echt ongelooflijk", zegt ze bewonderend. "Dat ze in de zestiende eeuw al bedachten hoe je met lucht en pijpen muziek kon maken."

Het Hillenorgel telt 3780 pijpen. Maar het instrument was dringend aan restauratie toe. Het leer was uitgedroogd, waardoor lucht ontsnapte en het orgel niet meer goed klonk. Ook moesten pijpen worden aangepast om weer met andere instrumenten te kunnen samenspelen.

De restauratie kost 1,3 miljoen euro en het Rijk en de provincie betalen ieder 3 ton. Dankzij fondsen en donateurs heeft de kerk zelf 400.000 euro opgehaald. De laatste 3 ton ontbreekt nog. Wiegel had gehoopt dat de gemeente zou bijspringen, maar het college wees de aanvraag echter af. "Wij waren wel teleurgesteld", vertelt ze. "Want dit is echt een investering in de toekomst."

Ook Antje Beers begrijpt er weinig van. Zeker omdat het orgel er na de restauratie weer 80 tot 100 jaar tegenaan kan. "Het is een eenmalige gemeentelijke investering van 3 ton op een begroting van 1 miljard euro. Dan denk je: waar hebben we het over?"

Het CDA dient daarom bij de begrotingsbehandeling een amendement (wijzigingsvoorstel)  in om het geld alsnog beschikbaar te stellen. Volgens fractievoorzitter Beers kan dat prima uit de algemene reserve. "We hopen dat andere partijen dat ook steunen en ook echt het belang inzien van de restauratie van dit orgel, juist ook voor toekomstige generaties Bredanaars."

Ondertussen gaat de restauratie gewoon door. Terug kan de kerk niet meer. "We hebben risico genomen", erkent Wiegel. "We gaan niet omvallen, maar het is voor ons wel echt problematisch." Zonder gemeentelijke bijdrage komt ander noodzakelijk onderhoud volgens haar mogelijk in de knel. Daarom wordt overal naar geld gezocht. Zelfs een vrijwilliger die vijftig jaar getrouwd was, vroeg zijn gasten om geen cadeaus te geven, maar geld voor het orgel.

Wiegel wil meer dan alleen een oud instrument opknappen. Het orgel wordt toekomstbestendig: het blijft traditioneel bespeelbaar, maar krijgt ook digitale mogelijkheden. Straks kan het zelfs vanaf een laptop worden aangestuurd.

Ze denkt aan allerlei projecten waarbij het orgel kan worden ingezet. Bijvoorbeeld door beroemde dj's. "Ik zie Armin van Buuren (red. hij bespeelde onlangs in zijn thuisstad Leiden een historisch orgel) er wel op spelen." Of aan een samenwerking met BUas, waarbij studenten orgelmuziek gebruiken voor videogames. Juist die combinatie van erfgoed en innovatie past volgens haar bij het beleid van Breda. "Je gaat niet iets restaureren voor 1,3 miljoen euro om het vervolgens niet meer te gebruiken", stelt ze.

Helemaal bovenop de steiger bewonderen de vrouwen het Bredase stadswapen op het orgel, twee leeuwen en het schild met de drie andreaskruizen met daarboven een beschermengel. Beers ziet haar kans schoon. "Juist daarom hoop je dat ook de gemeente Breda als een soort beschermengel over het orgel gaat waken."