De bouw van een grootschalig complex voor de huisvesting van arbeidsmigranten aan de Dorshout in Veghel mag doorgaan. De Raad van State heeft alle bezwaren van omwonenden afgewezen. Daarmee is de jarenlange juridische strijd over het plan grotendeels ten einde. Omwonenden in het buurtschap accepteren hun verlies.

Het plan van initiatiefnemer 'Het Knokert Kwartier' bestaat uit honderd tiny houses en een ontvangstgebouw voor de tijdelijke huisvesting van maximaal vijfhonderd arbeidsmigranten. De gemeente Meierijstad verleende hiervoor in 2023 een vergunning. Omwonenden stapten daarop naar de rechter, omdat zij vreesden voor onder meer overlast en verkeersonveiligheid in het buurtschap.

Woordvoerder van de werkgroep 'Geen woonwijk in Dorshout' en oud-voorzitter van het buurtschap Jack de Laat reageert tegenover Dtv Nieuws op de berichtgeving: “Wat ons betreft is er niet veel te zeggen. We hebben sinds 2019 er alles aan gedaan om het tegen te houden en hebben dat verloren.”

Bezwaren verworpen
De Raad van State ziet geen reden om de vergunning alsnog te verwerpen. Volgens de hoogste bestuursrechter heeft de gemeente voldoende onderbouwd dat de locatie geschikt is voor de tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten. Mede doordat de arbeidsmigranten gaan werken op het nabijgelegen bedrijventerrein 'De Amert'. Ook past het plan binnen het gemeentelijke beleid. Daarmee zou het buurtschap dus vervijfvoudigen in het aantal inwoners waar nu nog geen honderd inwoners wonen.

Daarnaast oordeelt de Raad van State dat er sprake is van tijdelijke logies en niet van reguliere woningen. Arbeidsmigranten mogen maximaal zes maanden in dezelfde woning verblijven. Op het terrein komt bovendien toezicht en er gelden huishoudelijke regels om overlast te voorkomen.

Initiatiefnemer krijgt wel gelijk
'Het Knokert Kwartier' was na de rechterlijke uitspraak van rechtbank Oost-Brabant ook in hoger beroep gegaan. Zij stelde dat de vergunde periode van vijftien jaar onderdak pas in moet gaan nadat de bouw officieel afgerond is.

De rechter oordeelde eerder dat de bouwperiode binnen de vijftien jaar exploitatieperiode zou passen, waarop de initiatiefnemer bezwaar aantekende. Zij heeft nu haar gelijk gekregen van de Raad van State die bepaalt heeft dat de vergunning pas ingaat nadat de bouw is afgerond.