“Jos, probeer nou niet iedereen de les te lezen!”, klinkt het over de hockeyvelden van Push in Breda. Even later vliegt een pass de verkeerde kant op. “Dat is naar niemand!” Wie denkt dat het er op het WK Masters voor 80-plussers rustig aan toegaat, heeft het mis. De oudste Nederlandse hockeyer op het veld is zelfs 91 jaar, maar winnen willen ze nog allemaal. Al is de derde helft ook heel belangrijk.
Op de velden van Push wordt deze week het WK Masters gespeeld voor hockeyers van 65, 70, 75 en 80 jaar en ouder. In totaal doen 79 teams uit 19 landen mee, van Australië en Nieuw-Zeeland tot Japan, Maleisië, Canada en de Verenigde Staten.
Voor Eric Hengst van gastheer Push is het één groot internationaal hockeyfeest. "Als je door de stad loopt, zie je overal internationals eten, drinken en rondlopen. Wij afficheren ons als de hockeyhoofdstad van Nederland, dus wat dat betreft hoort zo'n WK gewoon in Breda thuis."
Tussen al die internationals loopt ook de 91-jarige Henk Kwast rond. Hij speelt bij Nederland B. Waarom hij op zijn leeftijd nog met een hockeystick rondloopt? "Om te hockeyen. Dat moet een leuk spelletje zijn", grapt hij.
Dat hij op zijn 91e misschien achter de geraniums hoort te zitten, maakt weinig indruk. "Die heb ik niet", reageert hij droog. "En dat hoeft ook niet als je nog een beetje fit bent om mee te kunnen doen."
Fit is Kwast zeker. Hij hockeyt nog iedere donderdagavond en fietst veel. Een ingewikkeld geheim heeft hij niet. "Ik heb kennelijk een goed gestel. Alles doet het. En dat probeer je in stand te houden. Je niet druk maken over zaken waar je toch niks aan kunt doen."
Langs de lijn kijkt zijn kleinzoon trots toe. "Zo vaak kan ik hem niet meer zien spelen. Zeker niet op die leeftijd."
Op het veld gaat ondertussen niet alles zoals gepland. Na een mislukte actie klinkt een luid en weinig diplomatiek: "Kut, kut, kut." Leeftijd of niet, balverlies blijft balverlies.
Ook Peter Lammers (83) uit Den Bosch en H.J. Wessels (84) uit Breda staan nog op het veld. Hun motto is simpel: "Een leven lang hockey." Bang om eens onderuit te gaan of blessures zijn ze niet. "We weten nog steeds hoe we moeten opstaan", zegt Lammers met een vette knipoog.
De tegenstanders kennen ze soms al tientallen jaren. Sommige Duitsers komen ze al 26 jaar tegen. De rivaliteit is er nog, maar na afloop overheerst de vriendschap. "Dan ga je 's avonds met die jongens eten en natuurlijk ook veel bier drinken", aldus Wessels.
De 86-jarige Engelsman Peter Danson kent dat gevoel ook. Hij speelt al bijna dertig jaar Masters-hockey. "Alle teams zijn vriendelijk en het is erg gezellig." Hockeyen op deze leeftijd is volgens hem prima te doen, zolang iedereen zich een beetje aan elkaar aanpast. "Het gaat wat minder snel."
Toch gaat er met regelmaat een speler tegen de grond. Dan blijkt dat sommige dingen juist ouderwets zijn gebleven. "Kijk, zo ging het vroeger ook", klinkt het als een speler pijn heeft. "Dan stop je even met z'n allen."
Maar gezelligheid of niet, de heren op leeftijd willen ook winnen. "Natuurlijk willen we wereldkampioen worden", zegt coach Frank van den Bogaard van Nederland A, "want deze jongens hebben allemaal hoofdklasse-ervaring en willen ook op deze leeftijd nog resultaten boeken".
Maar winnen of verliezen: uiteindelijk wacht het clubhuis. "Pas je wel een beetje op", krijgt een Nederlandse speler tijdens de wedstrijd te horen. "Anders mis je de derde helft." Sommige dingen veranderen nooit, hoe oud je ook bent.

