Het moet makkelijker worden om mede-eigenaar te worden van duurzame energieprojecten. De provincie wil haar regels voor zonnevelden en windmolenparken aanpassen, zodat het verplicht wordt om omwonenden de mogelijkheid te bieden mee te doen aan nieuwe projecten. Daarbij is het streven dat uiteindelijk de helft van de energieprojecten in lokale handen komt. Het Ecodorp in Boekel is een voorbeeld waar de gemeenschap nu al eigenaar is van een eigen zonnepark en warmteaccu.

Trots loopt Ad Vlems door het ecodorp. Hij stond aan de wieg van de duurzame woongemeenschap. "We willen een inspiratie zijn voor anderen. Zo vangen we regenwater op om te gebruiken voor toiletten, hebben we een voedselbos met ruim honderd verschillende gewassen en hebben we voor de bouw van de huizen duurzame bouwmaterialen gebruikt."

"En we hebben een eigen energieopslagsysteem, waardoor we zonne-energie van onze 600 zonnepanelen kunnen opvangen", vult hij aan. Daarmee doelt hij op de warmteaccu midden op het terrein. Momenteel werkt deze nog niet, maar daar wordt aan gewerkt. "Als het straks flink zonnig is, dan kunnen we die energie opslaan als warmte voor een later moment."

De warmteaccu en honderden panelen zijn helemaal in eigen beheer van het ecodorp. "We hebben een eigen energiecoöperatie. Als vastgoedvereniging hebben we deze zonnepanelen aangeschaft, waardoor we minder van het energienet hoeven te halen. Daardoor zijn we minder afhankelijk van de energieprijzen."

Nog een voordeel is volgens Ad dat je zelf kunt beslissen, bijvoorbeeld bij het uitzoeken van zonnepanelen. "Onze zonnepanelen komen niet van ver, maar juist uit Europa. Daarnaast kunnen ze veel beter tegen extreem weer, zoals stevige hagelbuien of wind."

De provincie wil het Boekelse voorbeeld nu op meer plekken aanjagen. Ze wil namelijk vastleggen dat mensen uit de omgeving kunnen deelnemen aan duurzame energieprojecten zoals wind- en zonneparken. Het streven is dat uiteindelijk de helft van de zonnevelden (vanaf 50 megawatt) en windparken (vanaf 15 megawatt) in lokaal eigendom is.

Tot nu toe was het vooral de bedoeling dat de helft van nieuwe zonne- en windparken in lokale handen zou komen. De provincie wil daar nu strengere regels voor invoeren. Ontwikkelaars van nieuwe energieprojecten moeten omwonenden de kans geven om mede-eigenaar te worden. Ook moeten zij laten zien welke stappen ze hebben gezet om inwoners, energiecoöperaties en andere lokale partijen bij het project te betrekken. "Ik ben heel blij dat de provincie ervoor zorgt dat burgers zelf ook kunnen investeren in een zonneveld en kunnen profiteren van de stroom én het geld dat het oplevert."

Om toch te zorgen dat zo veel mogelijk mensen mee kunnen doen, wordt 'lokaal' ruim gedefinieerd: iedereen uit de gemeente waarin het project ligt, mag sowieso meedoen. Voor zonnepanelen geldt dat als een buurgemeente binnen 50 meter ligt, ook alle inwoners van die gemeente mee mogen doen. Voor windmolens geldt hetzelfde, maar dan met een afstand van tien keer de tiphoogte.

Energiegedeputeerde Bas Maes (SP) noemt het Ecodorp in Boekel een 'inspirerend voorbeeld'. Maar in de nieuwe regels gaat het vooral om het aanjagen van lokaal (mede-)eigendom van energieprojecten. Toch kunnen de twee mooi samen gaan en kan het opzetten van een gemeenschap tot lokaal eigendom leiden, volgens Maes: "Als inwoners zich al hebben georganiseerd in een gemeenschap en vervolgens ook mede-eigenaar worden van een windturbine of zonnepark, dan ontstaat er iets extra's. Dan profiteren mensen niet alleen van duurzame energie, maar hebben ze er ook samen invloed op en delen ze in de opbrengsten. Juist die combinatie kan een heel krachtig voorbeeld zijn van hoe de energietransitie van en voor de omgeving wordt."

Vrijdag buigen Provinciale Staten zich over het voorstel voor meer mede-eigendom van nieuwe duurzame energieprojecten.