Een rustige zaterdagavond verandert voor Laura uit Breda in een nachtmerrie als een vuurwerkbal door haar open balkondeur vliegt. Daarna richt een man volgens haar een Romeinse kaars op haar en schiet. Twee vuurballen vliegen langs haar hoofd. Eén raakt haar schouder. Ondertussen wordt ze uitgescholden om de regenboogvlag aan haar balkon, symbool van de lhbtq+-gemeenschap. "Mijn huis was de plek waar ik me veilig voelde. Dat gevoel is weg."
Het gebeurt zaterdagavond rond kwart voor twaalf bij haar appartement in de Bredase wijk Haagse Beemden. Laura zit op de bank als de vuurwerkbal naar binnen vliegt.
Toevallig staat er een emmer water van de mobiele airco in haar woonkamer. "Daar kon ik het meteen mee blussen", vertelt ze. "Gelukkig heb ik binnen verder geen schade."
Laura, zelf queer, loopt naar haar balkon om te kijken wat er aan de hand is. Daar ziet ze een man die volgens haar met een Romeinse kaars op haar schiet. "Ik voelde twee van die ballen langs mijn hoofd gaan en eentje raakte mijn schouder." Ze raakt niet gewond, maar haar pridevlag krijgt meerdere schroeiplekken.
Ondertussen scheldt de man haar naar eigen zeggen uit om de vlag. "Hij riep allerlei dingen naar me. Iets over die 'vuile kankervlag' en noemde me een 'vieze kankerpot'. Ook zei hij dat ik hem vooral niet op straat moest tegenkomen."
Juist die laatste woorden blijven hangen. Laura is sindsdien bang. Ze durft haar balkondeur niet meer open te zetten en 's avonds haar hond uitlaten zorgt voor paniekaanvallen.
"Op straat ben ik weleens uitgescholden. Dat maakte niet zoveel indruk. Maar dit gebeurde bij mijn woning. Een plek waar ik me veilig behoor te voelen", vertelt ze.
Kort na het incident belt Laura 112. Agenten komen zondagochtend rond kwart voor negen langs om haar aangifte op te nemen. De beschadigde pridevlag verdwijnt van haar balkon, maar alleen om plaats te maken voor een nieuwe.
Laura weigert zich te laten wegjagen. "Ik ben absoluut bang, maar ik ga daar tegenin. Ik geef niet toe aan de angst. Ik wil hem niet zijn doel laten bereiken."