Kickbokser Tayfun Özcan gaf een kleine vijf maanden geleden aan nog lang niet aan stoppen te denken. De 35-jarige Tilburger heeft nu toch besloten dat hij zijn handschoenen aan de wilgen gaat hangen. Op 28 november komt hij de laatste keer in actie in de ring. “Ik ben trots op wat ik van mijn leven heb kunnen maken, ik kom van ver.”
Dat de Tilburger afscheid neemt, komt voor velen in de vechtsportwereld als een verrassing. Özcan merkte al een tijdje dat het erg moeilijk was om alles te geven voor de topsport.
"Iedereen ziet de mooie resultaten, maar weet niet wat er mentaal speelt. Ik train twee keer per dag, let altijd op mijn voeding en moet op gewicht komen. Dat doe ik naast het runnen van een eigen sportschool en een gezin", zegt Özcan, die vond dat alles bij elkaar teveel werd. "Je kunt niet alles op honderd procent doen. Ik moest de knoop doorhakken om te stoppen met vechtsport."
Overwinningen
Özcan won eerder deze maand een partij in Almere. Die winst was heel belangrijk voor hem. “Ik hoop dat mensen me herinneren om mijn overwinningen en me zien als een goede vechter. Het laatste wat ik wil is een type kickbokser worden die in de laatste jaren van zijn carrière vaak verliest.”
In zijn profcarrière vocht Özcan 105 keer, waarvan hij 89 keer de ring als winnaar verliet. In totaal pakte hij zeven wereldtitels. De Tilburger wil afsluiten met zijn 90ste overwinning en dat moet gebeuren tijdens het evenement GLORY Rivals in Maaspoort Den Bosch. De Tilburger staat op zaterdag 28 november tegenover Anouar Afakir.
Nog voor zijn afscheid kijkt hij alvast met een zeer tevreden gevoel terug op zijn jaren als kickbokser. “Ik kom uit een gezin met zeven kinderen en had een vader die verslaafd was. Het is niet te vergelijken met veel andere mensen. Toch heb ik veel bereikt in mijn leven en zoveel mooie dingen meegemaakt. Daar ben ik trots op.”
Na een profcarrière van zeventien jaar blijft hij wel actief in de vechtsport. Met zijn eigen sportschool wil hij talenten klaarstomen voor de top. “Voor topsport moet je egoïstisch zijn, daar was ik goed in. Nu kan ik dat niet meer en wil ik andere vechters helpen. Ik ga kampioenen maken, dat weet ik zeker.”
