Terwijl op zondag in de kerken tegenwoordig nog maar enkele banken bezet zijn met gelovigen, wordt de jaarlijkse openluchtmis in het dorpje Esch steeds massaler bezocht. Dat is niet zo heel gek, want de plek is, zeker op een zwoele zomeravond, hemels. Een oud Mariakapelletje als decor voor een hoogmis onder de groene loofbomen, met de kerk, het koor en het gilde als hoofdrolspelers. Het was zaterdag de feestelijke afsluiting van negen dagen bidden voor Maria.

Het was zaterdag Maria Ten Hemelopneming, of zoals de gewone kerkganger zegt, Maria Hemelvaart. Het is het feest waarop aandacht is in het katholieke geloof voor Maria. In Esch doen ze dat al tientallen jaren in het Mariakapelletje net buiten het dorp. Negen dag vóór Maria Hemelvaart wordt er dagelijks samen gebeden met behulp van de rozenkrans. Tien weesgegroetjes, en dan één onzevader. En dat vijf keer, hardop en gezamenlijk. De rozenkrans zorgt ervoor dat je de tel niet kwijtraakt. Iedere katholiek van boven de vijfenzeventig weet nog wel hoe dat gaat.

Maar was het vroeger misschien een verplichting. In Esch doet iedereen het vrijwillig en heeft zo zijn eigen motief om het Mariakapelletje te bezoeken en mee te bidden en zo een gunst aan Maria te vragen.

Christien van Schijndel organiseert de 'Noveen', zoals het negendaagse gebruik heet. “Vaak komen mensen bidden voor iemand die ziek is of aan het sterven is. Het meest bijzondere vond ik een man van wie de vrouw in het verpleeghuis lag en terminaal was, al heel lang. Hij wilde dat ze zou sterven. Het was zo niet meer te doen. Hij kwam alle dagen bidden en op 15 augustus (Maria Hemelvaart) kwam hij s' morgens ook. Zat hij alleen in de kapel. Ik zei: Hoe is het? Ze is vannacht overleden, zei hij!  Daar had hij dus voor gebeden. Ja, ik heb heel veel vertrouwen in Maria. Je kunt vragen wat je wilt, maar dikwijls krijg je niet de oplossing die je verwacht.”

De openluchtmis zaterdagavond, als afsluiter, is toch ook een beetje een spektakel.  De pastoor en diaken werden door het gilde, met muziek, naar het kapelletje gebracht en het gemengd koor begeleidt de mis muzikaal. 

Diaken Pieter Schevers, die zaterdagavond de preek hield, noemt het ook bijzonder dat de Mariakapel nog steeds zo goed bezocht wordt in Esch, ook nog zeventig jaar na de bouw. “Altijd branden hier kaarsjes. Achter iedere kaars zit een verhaal. Iemand die Maria wil bedanken, iemand die zich zorgen maakt, verdriet heeft of iemand die gewoon even stil wil worden en bidden. Bij Maria kun je terecht met wat er in je hart leeft.”

Christien van Schijndel heeft heel veel aan Maria. Dat heeft ze van haar vader en haar opa, die ook al Maria aanriepen als ze haar nodig hadden. Ze wil ook nog wel eens naar de Sint-Jan gaan in Den Bosch, waar ook een Mariakapel is. Een kaarsje opsteken.

Het negen dagen achter elkaar bidden in het Essche kapelletje gebeurde vroeger door meer mensen dan nu het geval is. Tegenwoordig is de groep een man of vijftien, maar meestal zijn het er minder. En niet iedereen doet ook alle negen dagen mee. "Ik denk dat het uiteindelijk wel zal ophouden", verzucht Christien. 

Dat geldt niet voor het dagelijkse bezoek aan de kapel en het bijwonen van de openluchtmis. Dan is de kapel nog altijd erg in zwang. Christien: “Ik denk dat in deze tijd van onrust in de wereld, veel mensen toch ergens een rustpunt zoeken. En iedereen heeft wel een vraag aan Maria.  Er komen hier ook moslims. De vrouw die het kapelletje opent en sluit is protestants. Als je jezelf ervoor openstelt word je op een of andere manier wel geholpen door Maria".