Kristel Doreleijers heeft zaterdag de Taalboekenprijs 2026 gewonnen met haar boek Superbrabants. Het boek van de taalwetenschapper uit Geldrop wordt gezien als het beste publieksboek over de Nederlandse taal. Haar boek gaat onder meer over het ‘hyperdialect’ van Brabantse jongeren.
"Het boek laat absoluut zien hoe belangrijk taal is voor het vormen en uiten van je identiteit. Een aanrader!”, zei juryvoorzitter Geertje Slangen zaterdag in radioprogramma Taalstaat op NPO1. Doreleijers reageert toepasselijk: "Ik ben kei blij!"
Waar veel mensen denken dat het dialect een stille dood sterft, bewijst het boek van Doreleijers het tegendeel. Het Brabants leeft nog altijd, maar op een andere manier dan vroeger.
Ze deed de afgelopen acht jaar onderzoek naar het Brabants dialect en promoveerde aan de Tilburg University. Ze sprak voor haar onderzoek met oudere en jongere dialectsprekers.
Wat blijkt: aan de ene kant maakt het dialect plaats voor het standaard Nederlands. Er ontstaat een soort tussenvorm, een taaltje dat nog wel als Brabants klinkt maar niet zoals de echte lokale dialecten.
En soms slaat het Brabants dialect door, met name onder jongeren, dat noemt ze ‘hyperdialect’. Een overdreven vorm van Brabants die vooral ergernis opwekt bij oudere dialectsprekers. Maar de jongeren zijn er zelf kei trots op.
“Jongeren geven daarmee hun eigen draai aan Brabants”, vertelde ze eerder in het radioprogramma KEIgoeiemorgen van Omroep Brabant. Terwijl dialecten dus dreigen te verdwijnen, komt het ondertussen op nieuwe manieren weer terug bij jongere generaties: via social media, memes en films en series zoals New Kids en Undercover.
Het boek Superbrabants is voor haar uiteindelijk een manier om haar wetenschappelijk onderzoek over te brengen naar een breed publiek. "In zo'n publieksboek kun je meer kwijt dan je proefschrift. Dus ook anekdotes en mijn persoonlijke verhaal", vertelde Doreleijers zaterdag bij de uitreiking van de prijs in de studio van NPO Radio 1.
Juryvoorzitter Geertje Slangen ziet in het boek een bevestiging dat het nog niet zo slecht gesteld is met het dialect onder jongeren.
"Ze horen vaak hoe vreselijk ze spreken, maar het boek bevestigt juist dat ze helemaal niet fout bezig zijn. Ze leveren een grote bijdrage aan taalontwikkeling en taalvariatie. Voor ouderen is het juist goed dat ze meer begrip hebben voor wat er met taal gebeurt." Ze noemt het een perfect boek voor wederzijds begrip.
Met haar boek hoopt Doreleijers dat er meer waardering komt voor taalvariatie. "Dat kan Brabants zijn, dat kan ook jongerentaal zijn. Ik hoop dat mensen ook wat meer nadenken over eigen taalgebruik en dat van anderen. En dat vooroordelen en stereotypen daarmee worden weggenomen."

