Een Tilburgse vrouw raakte deze week haar baan kwijt nadat ze, terwijl ze zich had ziek gemeld, meedeed aan een zware Hyrox-wedstrijd. De zaak zorgt voor veel reacties: veel mensen vinden dat een werknemer die ziek thuiszit geen intensieve sportwedstrijd hoort te doen. Toch betekent de uitspraak niet dat zieke werknemers niets meer mogen ondernemen.

"Laten we eerlijk zijn: dit was niet slim van haar", zegt arbeidsrechtadvocaat Jean-Louis van Os. "Maar het is ook een extreem voorbeeld. Je kunt niet in zijn algemeenheid zeggen dat iemand die ziek thuiszit niet mag sporten."

Volgens Van Os is vooral de reden achter een activiteit belangrijk. "Een bedrijfsarts bepaalt wat iemand wel en niet mag doen tijdens een ziekteperiode. Het moet bijdragen aan het herstel", zegt hij. "Als een bedrijfsarts zegt dat iemand acht weken volledig rust moet nemen en op de bank tv moet kijken, dan is dat wat iemand moet doen. Maar een bedrijfsarts kan ook zeggen: ga maar hardlopen in de bossen of doe een Hyrox." Iemand die Pfeiffer heeft, heeft andere behoeftes dan iemand met een burn-out. 

Dagelijkse activiteiten
In algemene zin mogen mensen die ziek zijn hun dagelijkse activiteiten blijven doen, vertelt Van Os. "Denk aan boodschappen doen of mantelzorg verlenen. Een werkgever kan zeggen: je zorgt voor je moeder, dus dan kun je ook werken. Maar zo simpel is het niet. Een bedrijfsarts kijkt daar vaak niet naar, tenzij het echt belastend voor je kan zijn."

Ook een vakantie tijdens een langere ziekteperiode is soms mogelijk. Wel moet een werknemer dit bespreken met de bedrijfsarts, geeft van Os aan. "Die kan zeggen: ja, dat mag, dat doet je goed, dus ga maar. Maar hij kan ook aangeven dat het niet verstandig is, omdat je daardoor juist meer klachten krijgt."

Naar de rechter
Een werkgever mag niet zelf bepalen of iemand wel of niet ziek is, benadrukt Van Os. "Als er een medisch oordeel nodig is om vast te stellen of iemand kan werken, ben je als werkgever verplicht een bedrijfsarts in te schakelen. Een werkgever kan niet alleen op basis van zijn eigen mening zeggen: jij kunt gewoon werken, buikpijn of niet. Zonder een oordeel van een bedrijfsarts gaat een kantonrechter daar meestal niet in mee."

Van Os benadrukt dat iedere zaak op zichzelf staat. Wat de ene werknemer tijdens een ziekteperiode wel mag doen, kan voor een ander juist onverstandig zijn. "Maar als het verhaal niet klopt, dan prikt een kantonrechter daar meestal wel doorheen." Hij verwijst daarmee naar een zaak van een Transavia-medewerker die zich ziekmeldde, maar uiteindelijk naar de bruiloft van haar oom ging.