Jaantje van Boxtel (61) strijdt al vijftien jaar voor woonwagenstandplaatsen voor haar familie. Toen er acht tot tien plekken in beeld kwamen in de nieuwe wijk Woonakker in Teteringen, dacht ze eindelijk beet te hebben. Maar de gemeente Breda komt met een heel ander voorstel: geen woonwagens, maar tien sociale huurwoningen voor de familie in dezelfde straat. Van Boxtel is woedend. "Ik pik dit niet, ik wil een woonwagen."

Van Boxtel groeide op in het opgedoekte woonwagenkamp Driekoningenoord in Breda, waar ook haar dochter werd geboren. Later woonde ze op andere, kleinere kampjes.

Nu woont ze al zo'n dertien jaar tegen haar zin in een flat in de Bredase wijk Westerpark. Dat ze opnieuw een gewoon huis krijgt aangeboden, maakt haar boos. "Ik ga niet naar een boerendorp om weer in een huis te gaan zitten."

Van Boxtel mist vooral het leven met haar familie om zich heen, waarin iedereen voor elkaar zorgt. Op verzoek van de gemeente richtte ze met familieleden een CPO-vereniging op (een groep bewoners die samen een eigen woonproject ontwikkelt) en vond ze een investeerder. Maar die plannen gingen uiteindelijk de prullenbak in. "Volgens de gemeente was er geen geschikte ruimte beschikbaar", zegt ze.

Daarna kwam Woonakker in beeld, de nieuwe wijk in Teteringen waar de eerste huizen in 2028 klaar moeten zijn. Tegen het plan loopt nog wel een beroepsprocedure bij de Raad van State. In een brief was volgens Van Boxtel sprake van acht tot tien 'plaatsen'. Zij ging ervan uit dat daarmee woonwagenstandplaatsen werden bedoeld. "Lijkt me logisch toch, want daar vraag ik al jaren om."

Uit een andere brief van de gemeente aan Van Boxtel, die Omroep Brabant ook in handen heeft, blijkt dat Breda de mogelijkheden voor haar familie wel heeft onderzocht. De CPO-route is volgens de gemeente om verschillende redenen niet haalbaar. Ook schrijft Breda dat "de onderzochte mogelijkheden zijn uitgeput".

Daarom biedt de gemeente de familie tien sociale huurwoningen van woningcorporatie Alwel in Woonakker aan: tien rijwoningen bij elkaar. Van Boxtel moet voor 12 oktober beslissen.

De gemeente noemt nog een andere mogelijkheid: de familie kan zich inschrijven voor nieuwe woonwagenstandplaatsen. Dat heeft Van Boxtel naar eigen zeggen nooit gedaan. Door eerdere toezeggingen ging ze ervan uit dat er al naar een gezamenlijke oplossing voor haar familie werd gezocht.

Dat het een paar kilometer verderop wél kan, maakt haar extra boos. In de nieuwe wijk Haansberg in Etten-Leur zijn acht standplaatsen met huurwoonwagens gepland. Ook daar is Alwel bij betrokken. Van Boxtel begrijpt niet waarom daar wel plek is voor woonwagens en haar familie in Woonakker huurhuizen krijgt aangeboden. "Ik voel me gediscrimineerd", zegt ze. "Het is allemaal tuig."

Haar wens is juridisch gezien ook niet zomaar een woonvoorkeur. Volgens het landelijke beleidskader moeten gemeenten rekening houden met de woonwagencultuur en de specifieke woonbehoefte van woonwagenbewoners.

Van Boxtel wil best water bij de wijn doen. Acht standplaatsen zijn ook goed, en woonwagenwoningen die qua uiterlijk bij de wijk passen, zijn bespreekbaar. Gewone huurhuizen niet. "Ik ben niet vijftien jaar aan het vechten voor een woonwagenstandplaats om weer in een huis te gaan."

Komt Breda niet met een ander voorstel, dan wil ze juridische stappen zetten. "Want ik heb al vijf wethouders meegemaakt en sta nog steeds met lege handen."

Breda laat weten niet in te gaan op de individuele situatie van Van Boxtel. Wel bevestigt de gemeente dat in Woonakker reguliere sociale huurwoningen zijn gevonden voor de vereniging 'Wonen in familieverband', waarmee de gemeente sinds 2013 in gesprek is. Die gesprekken lopen nog.