"Attentie, attentie, hier volgt een bericht van levensbelang." Met die woorden begon 45 jaar geleden, op 4 oktober 1981, een radio-uitzending die duizenden Brabanders de schrik om het hart joeg. Een atoombom zou zijn ontploft boven een vliegbasis in de Peel, waarna een radioactieve wolk richting Helmond en Eindhoven dreef. Telefoons stonden roodgloeiend en luisteraars raakten in paniek. Maar er was één probleem: de ramp was nooit gebeurd.

Nederland leefde begin jaren tachtig in de schaduw van de Koude Oorlog. De angst voor een kernoorlog was groot en in november 1981 trokken ruim 400.000 mensen naar Amsterdam om te demonstreren tegen de plaatsing van Amerikaanse kruisraketten met een kernkop in Nederland. Het was toen de grootste vredesdemonstratie die het land ooit had gezien.

Juist in die gespannen tijd besloot Omroep Brabant een fictieve radio-uitzending te maken over een atoomaanval op een Brabantse vliegbasis. Net als bij War of the Worlds, het beroemde Amerikaanse hoorspel uit 1938 dat luisteraars deed geloven dat een buitenaardse invasie gaande was, werd een fictief rampscenario gepresenteerd als een echte nieuwsuitzending. Het experiment groeide uit tot een van de meest spraakmakende uitzendingen uit de Brabantse omroepgeschiedenis.

Nog drie minuten
"Helenaveen bestaat niet meer. Iedereen die in Someren onbedekt buiten stond, loopt door de hittestraling het risico levend verbrand te worden", klonk het in 1981 op de radio. De overlevenden zouden er lichamelijk of psychisch niet best aan toe zijn. "Ze zouden de doden benijden."

Luisteraars hoorden bovendien telkens hoeveel tijd er nog restte: "U heeft nog drie minuten." De ultieme cocktail voor chaos en paniek, zo bleek.

Documentaire werd aangekondigd
Toch kwam die bewuste radio-uitzending niet uit de lucht vallen. Een dag eerder kondigde Omroep Brabant de uitzending aan in onder meer het Eindhovens Dagblad. In het artikel was te lezen: "Over de schuilkelders in Zuidoost-Brabant, die nodig zijn in geval van een atoomaanval op bijvoorbeeld vliegbasis Volkel, gaat de documentaire die Omroep Brabant morgen uitzendt. De ruim 600.000 inwoners van deze regio hebben dan ongeveer twintig minuten de tijd om zich in veiligheid te brengen."

De radiodocumentaire besloeg slechts een klein deel van het radioprogramma van die ochtend. In dezelfde uitzending zou ook een molenaar worden geïnterviewd over de molens in de omgeving.

De aankondiging kon niet voorkomen dat meer dan honderd mensen contact opnamen met de politie. Anderen zochten, zoals de simulatie ook voorschreef, dekking in hun kelder. Sportwedstrijden werden gestaakt en de telefoons van taxicentrales stonden roodgloeiend, omdat iedereen het rampgebied wilde ontvluchten.

Excuses
En dus ging Omroep Brabant de dagen erna door het stof. De toenmalige hoofdredacteur Jacques Grijpink zei toen in het Eindhovens Dagblad: "We hebben het schokeffect duidelijk onderschat. En ook: hoe luisteren de mensen naar de radio? Hoe moet je nog duidelijker zeggen dat het om een documentaire gaat? Natuurlijk betreur ik het zeer dat er mensen verontrust zijn. Iedereen die door onze uitzending in paniek is gebracht, is er één te veel."

Opmerkelijk genoeg was de omroep eerst van plan de hele documentaire te dramatiseren. Daar zag de redactie uiteindelijk van af, juist uit vrees voor paniekreacties. "Toen hebben we gezegd: dat kun je niet doen, dan veroorzaak je echt paniek", klonk de uitleg van Grijpink. Maar ook in afgezwakte vorm zorgde de uitzending dus voor paniek.

Een fragment van de radio-uitzending is hier te beluisteren: